Sprayfo Kalveren UNTITLED 3 Vleeskalveren Lammeren Veulens Geitenlammeren Buffels Sloten
Melkperiode
Inhoudsopgave
Melkperiode
Maagontwikkeling bij kalveren
Slokdarmfsleufreflex
Gunstige darmflora
Alle pagina's

Melk is voor het jonge kalf het belangrijkste voedingsmiddel; het is onmisbaar. Het hele spijsverteringsstelsel is ingesteld op de vertering van melk.

Energiebron voor groei

Zowel biest als Sprayfo kalvermelk komen terecht in de lebmaag van het kalf. Vanaf enkele dagen na de geboorte is hier een zuur milieu aanwezig. Onder invloed van zuur en enzymen wordt een deel van de eiwitten in de melk gesplitst. Het andere deel wordt gesplitst in de dunne darm. De splitsingsproducten – aminozuren – worden door het kalf opgenomen en voornamelijk gebruikt voor de groei.

Enzymen in speeksel kunnen de vetten al gedeeltelijk afbreken. De overige vetten worden in de dunne darm gesplitst.
Deze producten – vetzuren en glycerol – worden door het kalf opgenomen en als energiebron gebruikt. In de dunne darm worden verder de koolhydraten (hoofdzakelijk lactose) gesplitst tot glucose en galactose. Opname via de dunne darm biedt het kalf wederom een bron van energie.

Sprayfo maakt het verschil





Maagontwikkeling bij kalveren

Direct na de geboorte functioneert alleen de lebmaag. De voormagen (pens, net- en boekmaag) zijn niet volledig ontwikkeld en functioneren dus nog niet.

Onderstaande tabel geeft de ontwikkeling van de magen bij kalveren weer.


leeftijd in weken
inhoud in liters
verhouding voormagen t.o.v. lebmaag
voormagen
lebmaag
0
 0,5 - 0,6
 1 - 3
 1 : 1
6
 4 - 6
± 5
 1 : 1
12
15
± 5
 3 : 1
16
30
± 5
 6 : 1


De bij geboorte aanwezige voormagen van de kalf gaan zich ontwikkelen, zodra er wordt gestart met het opnemen van vast voedsel. Die ontwikkeling is afhankelijk van het totale rantsoen:

Uitsluitend melk

alle vier de magen ontwikkelen zich evenredig met het lichaamsgewicht. De penspapillen, die bij de geboor­te 1 ‑ 2 mm lang zijn, nemen zelfs in lengte af.

Ruwvoer

Sterke toename van de omvang van de voormagen.

Krachtvoer

Penspapillen nemen zeer sterk toe in lengte en omvang.

Ruw- en krachtvoer

Sterke toename van de omvang van de voormagen en van de lengte en omvang van de penspapillen.


Vlotte pensontwikkeling - optimaal groeipatroon

Door vanaf de tweede levensweek – naast Sprayfo licht verteerbare kalvermelk – water, ruw- en krachtvoer aan te bieden, heeft het kalf de mogelijkheid dit op te nemen. Daardoor komt de pensontwikkeling snel op gang. Een vlotte pensontwikkeling staat garant voor een optimaal groeipatroon. Immers, na het spenen zal een kalf volledig zijn aangewezen op de vertering van voeders die in meer of mindere mate moeten worden afgebroken in de pens.



Slokdarmsleufreflex

Bij een koe en een ouder kalf komen water, kracht- en ruwvoer dat ze opnemen in de pens terecht. Melk mag daar echter niet in komen; dat moet naar de lebmaag. Om de melk in de lebmaag te laten komen moet de slokdarmsleuf zich sluiten. De slokdarmsleufreflex moet optreden.

Deze reflex treedt op als:
  • het kalf warme melk uit een emmer te drinken krijgt
  • de melk via een speen verstrekt wordt
De melk komt via de gesloten slokdarmsleuf direct in de lebmaag.
Neemt het kalf andere voedermiddelen op, zoals krachtvoer en hooi maar ook water, dan sluit de slokdarmsleuf zich niet.

maagdarmkanaal kalf



Gunstige darmflora

Waar mogelijk wordt, samen met hoofdgrondstoffen zoals melkproducten en vetten, een combinatie van organische zuren toegepast om melk aan te zuren. Het belangrijkste voordeel hiervan is het verlagen van de pH (zuurgraad) in de maag. Door middel van een gepaste pH-verlaging worden rottings- en colibacteriën geremd. Dat creëert vervolgens een ‘concurrentievoordeel’ voor de wél gewenste melkzuurflora. Deze nemen relatief sterk toe en werpen een barrière op tegen ziektekiemen.

Deze gunstige invloed op de darmflora beperkt de kansen op diarree en resulteert niet alleen in een goede vertering van Sprayfo kalvermelk, maar ook van ruw- en krachtvoer.


Magere melkpoeder

Magere melkpoeder zorgt voor een stremming van de melk in de lebmaag onder invloed van het zure milieu.
Hierdoor verloopt de vertering gelijkmatig in de rest van het maagdarmkanaal.