|
Altijd verse lucht en geen tocht of kouval |
Een oude ligboxenstal bouwde Jan Hemstede om tot een mechanisch geventileerde kalverstal. De voordelen? Minder last van temperatuurschommelingen, en altijd verse lucht en geen tocht of kouval. ‘De kalveren groeien goed en we hebben bijna geen last van hoestende kalveren.’
In varkensstallen komt het veel voor, maar ook steeds meer melkveehouders maken gebruik van mechanische ventilatie, met name bij de jongste kalveren. Jan Hemstede uit Ommen is er een van. De Overijsselse ondernemer verplaatste eind 2009 zijn bedrijf van de ene naar de andere kant van Ommen. Er verrees een nieuwe ligboxenstal voor het melkvee en het jongvee vanaf zes maanden. Hemstede melkt nu ruim 100 koeien, maar kan qua huisvesting groeien naar 200 stuks.
De oude ligboxenstal verbouwde Hemstede rigoureus tot een verblijf voor de kalveren tot zes maanden mét mechanische ventilatie. Samen met opfokspecialist Albert Hilbrands van kalvermelkproducent Sloten kwam Hemstede tot die keus. Dat had vooral te maken met de plaats van de jongveestal op het erf, geeft Hemstede aan. ‘De gebouwen staan dicht op elkaar. Dat maakt natuurlijk ventileren lastiger. Bovendien zou bij een westenwind de lucht van de koeien bij de kalveren terechtkomen.’
Constant klimaat
Het principe van mechanisch ventileren paste Hemstede niet voor het eerst toe. Op de oude locatie hield hij naast melkkoeien ook varkens. Uit de mechanisch geventileerde varkensstal nam hij twee ventilatoren mee, die hij op de nieuwe locatie hergebruikte bij de jongste kalveren.
Via een opening in de deur stroomt koude lucht over de voergang. Vanaf de voergang verspreidt de lucht zich verder de stal in. Twee continu draaiende ventilatoren zuigen de verontreinigde lucht weg. ‘Het klimaat is heel constant. We hebben minder last van temperatuurschommelingen en er is altijd verse lucht in de stal, ook bij windstil en benauwd weer. Ook nu met een straffe noordoostenwind en een groot verschil in temperatuur tussen dag en nacht lukt het om het klimaat constant te houden. Met een natuurlijk geventileerde stal was dat een stuk lastiger geweest.’
Twee voelers in de stal meten de temperatuur. ‘Als het koud wordt gaan de ventilatoren langzamer lopen. Toen het afgelopen winter heel koud was draaide één van de twee ventilatoren. Het heeft in de stal net niet gevroren.’
Een lichtstraat in de dichte nok zorgt voor voldoende licht in de stal, die voorzien is van een geïsoleerd dak en geïsoleerde muren. ‘Zo wordt het ’s zomers niet zo warm en ’s winters niet zo koud. Dat is ook voor onszelf prettig. Bovendien voorkomen we zo condens. Dat is funest voor de jongste kalveren.’
Geen tocht of kouval
Ruim een jaar werkt Hemstede nu met de nieuwe stal. Tot volle tevredenheid: ‘De kalveren groeien goed en we hebben bijna geen last van hoestende kalveren. We hebben het afgelopen half jaar geen enkel kalf gespoten voor longproblemen.’
Dat mechanische ventilatie duurder is dan een natuurlijk geventileerde stal, neemt Hemstede voor lief. ’Het is heel wat waard als de jongveeopfok goed loopt. Er is niks zo vervelend als zieke kalveren. Dat kost veel tijd en energie en werkt negatief door in de volgende fase. . Als je het goed wilt doen, zou je in een natuurlijk geventileerde stal eigenlijk ook een automatisch rolgordijn met een weerstation moeten hebben. Dan ben je net zo duur uit.’
De eerste twee weken houdt Hemstede de kalveren in verrijdbare eenlingboxen in de stal. Daarna gaan ze over in strohokken met achter het voerhek tweeënhalve meter rooster. ‘Op de oude locatie had ik alleen strohokken zonder roosters. Nu verdwijnt de meeste mest en urine tussen de roosters. Daardoor ligt de ammoniakproductie lager en heb ik minder stro nodig.’
Last van tocht of kouval lijken de kalveren niet te hebben: ze liggen keurig verspreid over het 7,5 bij 4 meter grote strohok dat aan drie kanten omringd is door schotten.
Als de kalveren vier maanden oud zijn, verhuizen ze naar het gedeelte met roosters en ligboxen. Met zes maanden volgt de overstap naar de ligboxenstal. ‘De kritische fase hebben we dan achter de rug. De kalveren nemen genoeg voer op en produceren voldoende warmte. Ze redden zich dan prima in de ligboxenstal.’
Bron: Veeteelt, mei 2011
Door: Inge van Drie

Wilt u advies op maat bij u op het bedrijf?
Neem contact op met de Sprayfo topfokspecialist bij u in de regio.
> klik hier voor meer artikelen
|